Bron het Onderwijsblad Publicatiedatum 27-01-2007 Auteur Rob Voorwinden

Afgestudeerden volgen kopopleiding tot leraar

Hbo- of wo-diploma op zak maar achteraf toch spijt van de studiekeuze? Geen vrees. Nu bieden alle lerarenopleidingen een nieuwe kopopleiding tot tweedegraads leraar aan. "Als leraar ben je nodig. En je hebt meer vrijheid dan in het bedrijfsleven."

Diana van Bruksvoort deed de opleiding heao-accountancy, maar merkte na haar stage op een accountantskantoor dat dit vak haar toch niet helemaal lag. "Het was me te zakelijk, ik miste de omgang met mensen." Ook Bart Valkenier kwam tot de ontdekking dat hij met hbo-chemie toch een ietwat verkeerde studiekeuze had gemaakt. "Ik zag mezelf eigenlijk niet de rest van mijn leven in een laboratorium staan." Daarom schreven Van Bruksvoort en Valkenier zich in op de kopopleiding tot tweedegraads leraar.


Met die studie kunnen afgestudeerden van een groot aantal bacheloropleidingen aan universiteiten of hogescholen in een jaar tijd een onderwijsbevoegdheid halen. De kopopleiding wordt, na enkele pilots in de afgelopen jaren, dit schooljaar door alle tweedegraads lerarenopleidingen aangeboden. Er schreven zich in totaal 170 studenten voor in. Om de instroom in de kopstudie te bevorderen en zo het lerarentekort te bestrijden, hebben de deelnemers recht op een extra jaar studiefinanciering.


Daar moeten ze wel veel voor doen, zegt landelijk coördinator Peter Lorist van de kopopleiding. "Het is een hogedrukpan. De studenten moeten zich in een jaar tijd immers de onderwijskundige, pedagogische en didactische vaardigheden eigen maken die ze als leraar nodig hebben." De studenten gaan ook meteen het diepe in: ze beginnen met een oriënterende stage van een dag per week naast hun studie. En het laatste kwartaal van hun kopopleiding staan ze als lio-stagiair al zelfstandig voor een eigen klas.
De kopopleiding is toegankelijk voor afgestudeerden van studies die verwant zijn aan het tweedegraadsgebied. Afgestudeerde bedrijfseconomen kunnen bijvoorbeeld tweedegraads leraar economie worden, en chemisten leraar scheikunde. Binnen die randvoorwaarden wordt iedereen toegelaten, al organiseren de lerarenopleidingen wel individuele intakegesprekken.


Kopstudent Valkenier had bij zo'n gesprek toch het gevoel bij een assessment te zitten. "Ik dacht dat ik naar een informatiebijeenkomst ging, maar er bleek ook een rollenspel te zijn. Daarin moest ik twee ongemotiveerde leerlingen overhalen om scheikunde in hun pakket te kiezen." Zijn improvisatie slaagde. "De leerlingen wilden liever buiten gaan skaten, dus vroeg ik of ze wisten van welk materiaal de wieltjes van hun skates waren. En of ik ze niet eens zou leren hoe die gemaakt worden."


De studenten lopen stage in de volle breedte van het voortgezet onderwijs. Dus ook op het vmbo, waar ze erg weinig van weten. "Het niveau was heel erg wennen", zegt Valkenier die terechtkwam in een vmbo-brugklas. "Op het gebied van scheikunde moet je terug naar bijna niets. De school werkt met leergebieden, en ik heb binnen het leergebied ‘mens en natuur' allerlei lessen gegeven, maar scheikunde kwam er eigenlijk nauwelijks aan bod."


Toch beviel het hem prima. "Je bouwt met deze leerlingen echt een band op. Ze zijn heel direct, en laten meteen merken wat ze van je vinden. Ik denk dat leerlingen havo en vwo misschien wat geniepiger zijn, maar dat zal ik wel merken tijdens mijn lio-stage."
Kopstudent Van Bruksvoort moest wel even slikken toen ze hoorde dat ze in het vmbo stage moest lopen. "Maar het is me geen moment tegengevallen. De leerlingen zijn bezig te worden wat ze straks zijn, en het is heel erg leuk om daaraan bij te dragen." De kinderen komen ook naar haar toe om raad te vragen over persoonlijke zaken. "Een leerling vroeg bijvoorbeeld hoe ze aan een bijbaantje zou kunnen komen. Ik deed wat suggesties, en de volgende dag kwam ze terug met een ingevuld aanmeldingsformulier van een supermarkt - compleet met pasfoto en alles. Of ik er even naar kon kijken, want ze ging het vanmiddag inleveren bij de bedrijfsleider. Fantastisch toch?"
Het vmbo valt veel studenten erg mee, weet ook Adriaan Broeders, verantwoordelijk voor de kopopleiding van Fontys Hogescholen. "In het vmbo is het snel duidelijk dat je als docent nodig bent. Dat je iets te bieden hebt, niet alleen je vakkennis, maar ook als rolmodel. Dat je ertoe doet."


De meeste studenten die zich voor de kopopleiding inschrijven hebben een hbo-studie afgerond, er komen veel minder van de universiteit. Veel studenten zijn ook afkomstig uit economische opleidingen. "Waarschijnlijk omdat dit grote opleidingen zijn met veel afgestudeerden", denkt landelijk coördinator Lorist. "De vijver is dus groot." Er komen minder deelnemers uit de exacte hoek. "Daar zijn de studentenaantallen kleiner, en deze afgestudeerden zijn ook erg gewild in het bedrijfsleven." Maar er is wel weer veel instroom uit de sociaalagogische studies.


Coördinator Broeders van Fontys Hogescholen signaleert dat er ook veel belangstelling is van afgestudeerden van opleidingen die niet aansluiten op een tweedegraadsgebied, zoals de pabo. Die afgestudeerden kunnen dus niet terecht bij de kopopleiding: ze kunnen alleen een individueel studietraject in deeltijd volgen. "Maar de belangstelling is zo groot, dat dit bijna een boodschap voor de lerarenopleidingen is om ook voor die studenten een heel aparte route op te zetten."


Valkenier begint nu aan zijn lio-stage, en blijft daarna zeker in het onderwijs. "Dit is wat ik wil. Het cultuurtje op de school past veel meer bij mij dan het bedrijfsleven: winst maken of kinderen iets leren, dat is toch echt wat anders. En bovendien ben je op school, in je les, veel meer eigen baas dan ik het bedrijfsleven. In een laboratorium kan je niet eens een keer wat geks doen, maar in de les is daar altijd ruimte voor."
Ook Van Bruksvoort heeft haar draai wel gevonden in het onderwijs. "Je hebt hier veel eigen verantwoordelijkheid en je kunt echt iets betekenen voor de ontwikkeling van leerlingen. Ik zag laatst bij een collega wat oud-leerlingen langskomen, van wie werd getwijfeld of ze het zouden redden in het mbo. Die kwamen trots laten zien dat ze nu wel mooi mbo-4 doen. Het is toch prachtig dat je daar als docent aan kan bijdragen?"

Doormailen    Printversie








andere achtergrond