Stages


In je vierde studiejaar kan je voor vijf of tien maanden als Leraar In Opleiding (LIO) worden benoemd of aangesteld op een basisschool of in het (voortgezet) speciaal onderwijs.

Om je het leraarsvak eigen te maken, krijgt je geleidelijk meer zelfstandigheid in de uitvoering van steeds meer taken. De belangrijkste taak is onderwijs geven, maar ook alles wat daarbij hoort: voorbereiding en nazorg, deelnemen aan team- en sectievergaderingen, contacten met collega's, ouders en instanties. Dus alles wat een leraar moet doen om een goede gang van zaken op school te bewerkstelligen.
Je kunt je stageperiode vervullen als werknemer, waarbij je een leerarbeidsovereenkomst sluit en een salaris ontvangt. Het salaris bedraagt ongeveer de helft van het salaris van een startende leerkracht. Maar het kan ook als als stagiair, waarbij je een leerovereenkomst sluit en al dan niet een stagevergoeding ontvangt.
De periode dat je als LIO voor de klas of groep staat kan per opleiding en opleidingssituatie verschillen. Bij sommige opleidingen begin je als student met een stage van twee dagen in de week en eindig je in het afstudeerjaar met zes weken voor dezelfde groep. Op andere instellingen wordt geprobeerd de LIO in zoveel mogelijk verschillende groepen en klassen ervaring te laten opdoen en is de duur van een stage ook anders.

Wat je mag verwachten
Wat mag je verwachten van de opleidingsschool? Dat je een goede introductie op school krijgt, begeleiding van een daartoe opgeleide mentor en de kans een verscheidenheid aan leer- en werksituaties mee te maken. Bijvoorbeeld: meedraaien als teamlid, teamvergaderingen bijwonen, oudergesprekken voeren, contacten met andere betrokkenen, zoals de Onderwijsbegeleidingsdienst.
Wat mag je verwachten van je opleiding? Dat je goed voorbereid wordt op de LIO-periode, dat er contact wordt onderhouden met de opleidingsschool, dat je terugkomendagen kunt bezoeken en de stagebegeleiding goed geregeld is.







andere achtergrond