Home
AOb

Bron Straksvoordeklas Publicatiedatum 10.2007 Auteur Rineke Wisman

10 tips: beginnersvalkuilen

Alle begin is moeilijk en zeker de start van je loopbaan als leerkracht. Je moet orde houden, kennis overbrengen en daarnaast wil je natuurlijk een plek in toptien van populairste leraren. Als je deze valkuilen mijdt, komt het helemaal goed. Maar vergeet vooral niet dat het heel normaal is dat je moet groeien in je baan.

Je bent al de baas

Je denkt als starter misschien dat je de baas moet worden, maar zo moeilijk is het helemaal niet. Als jij staat ingeroosterd als leerkracht ben jij al de baas. Realiseer je dat. "Orde houden is niet het winnen van leiderschap, maar het behouden ervan", zegt docentenbegeleider Ruud van Doorn, werkzaam bij Het Baken in Almere. Je lichaamstaal is essentieel. "Probeer uit te stralen dat je al jaren voor de klas staat. Geef een ferme handdruk, begroet de leerlingen vriendelijk bij de deur en houd je rug recht."

Wees niet te snel te lief

"Denk vooraf na over wat orde betekent voor jou", tipt Alma Roos, beginnersconsulent bij de AOb. Mogen leerlingen bijvoorbeeld tijdens de les naar de wc gaan of niet. Wijs je een laatkomer meteen de deur?" De manier waarop je de eerste keer reageert, bepaalt de norm de rest van het jaar. "De eerste seconden zijn leerlingen aan het screenen of de leerkracht mogelijkheden biedt om de grenzen te overschrijden. Als leerkracht is het je taak om deze grenzen te markeren." De klas zal je dankbaar voor zijn. Te aardig-zijn levert je gegarandeerd een lage plaats op in de populariteitstoptien. Onderzoek toont aan dat leerlingen zich beter voelen bij een docent die duidelijk is. Laat de teugels ook niet te snel vieren. Hanteer strakke regels tot aan de eerste herfstvakantie.

Richt je niet alleen op negatief gedrag

Orde houden betekent ook straffen en belonen op de juiste momenten. Grijp in als een kind tijdens de uitleg omgekeerd in de klas zit, maar reageer niet alleen op negatief gedrag. Zoom ook eens in op een leerling die wel op tijd binnen is en meteen zijn spullen klaar legt: ‘Ahmed snapt tenminste hoe het werkt hier.'

Isoleer onruststokers

Gemiddeld gaat tachtig procent van de leerlingen naar school om iets te leren en niet om de boel te saboteren. Dat doet een kleine minderheid. "Werk met de kracht van die massa", adviseert Ruud van Doorn. "Tegen een leerling die de voortgang van de les belemmert, zeg je bijvoorbeeld: ‘Je stoort ons' in plaats van ‘Je stoort mij.' Zo geef je de leerlingen die meedoen een compliment. Bovendien isoleer je zo de onruststoker. Als die het echt te bont maakt, kan je die geïsoleerde positie benadrukken door hem met zijn rug naar de klas toe in de hoek te zetten. Dan verliest 'ie echt zijn status."

Voorkom gaten in de les

Zorg ervoor dat elke leerling op elk moment van de les weet wat hij moet doen. Dan ontstaan geen ordeproblemen. Geef je een proefwerk? Schrijf op het bord wat er van de klas verwacht wordt als ze het (ruim) op tijd af hebben. Huiswerk maken of alvast het volgende hoofdstuk in het boek bestuderen bijvoorbeeld.

Doe ook anders dan anders

Mix oudere met jongere kinderen in een knutselcircuit. De Vries: "De kleintjes vinden dat reuze interessant, de oudere kinderen kunnen de kleintjes ondersteunen en zo laten zien dat zij de groten zijn." Houd niet de controle over de invulling van de vrije middagruimte, maar laat de klas meedenken. Dat maakt ze medeverantwoordelijk. "Laat ze in groepjes lessen ontwerpen. Het kan voor alle vakken: iemand met een vulkanenhobby zal dolgraag de aardrijkskundeles ontwerpen bijvoorbeeld. Voer alle ideeën uit of kies samen het allerleukste idee. Wat je ook kunt doen is een spelletjesmiddag waarbij ieder kind een spel van thuis mee mag nemen. Laat ze zelf nadenken over een vlotte spelorganisatie: wie speelt welk spel, wanneer en met wie." 

Neem niet te veel hooi op je vork

Schoenmaker houd je bij je leest. In je eerste jaren als leerkracht is het verstandig om niet allerhande neventaken op je te nemen. Alma Roos, beginnerconsulent bij de AOb adviseert heel strikt om alleen ‘je klas te doen en verder niets'. Toen ze zelf acht jaar geleden begon in het onderwijs, zei ze tegen alles enthousiast ‘ja'. Daardoor kwam ze om in het werk. "Ik werd daar niet gelukkig van. Projecten kosten ook voorbereidingstijd, terwijl je als beginner je handen al vol hebt aan het voorbereiden van je reguliere programma. Ik was ook 's avonds en in het weekend aan het werk. Als starter overzie je niet hoeveel tijd alles kost. Beperk je daarom het eerste jaar tot lesgeven. Dat kost je al genoeg energie."

Voer moeilijke gesprekken niet alleen

Ouders die menen dat jij het verkeerd doet, ouders die je wat kwalijk nemen en ouders die je domweg van het werk houden. Je krijgt er ongetwijfeld mee te maken, maar hoe ga je ermee om? "Voer moeilijke gesprekken niet alleen", raadt Alma Roos aan. Zo voorkom je dat ouder(s) de regie nemen of dat je dingen zegt die je niet waar kan maken. Toen Roos een onredelijk boze ouder tegenover zich had, beëindigde ze het gesprek om het op een zelf gekozen ander moment te vervolgen. En wat als je op het schoolplein wordt opgehouden door een ouder? Birgit Linssen, trainer bij de AOb: "Zeg dan: Ik wil graag met u praten, maar laten we daar een afspraak voor maken. Ik moet nu lesgeven."

Betrek alle leerlingen bij de traditie

Grijp de laatste week voor kerst aan om de vijf grote godsdiensten te behandelen, aldus Monsees. Hindoeïsme, boeddhisme, jodendom, christendom, islam. "Praat over godsdienst en over geloof op zo'n manier dat alle kinderen zich bij het kerstfeest betrokken voelen", vult Hoogenkamp aan. "Kinderen met een hindoeïstische of joodse achtergrond kennen hun eigen lichtfeesten: Divali en Chanoeka. Licht speelt dus ook in hun geloof een rol. Door die kennis te delen, maak je kerst tot een leermoment."
Goed om te weten: de enigen die vanuit geloofsovertuiging niet meedoen aan de viering van kerst zijn Jehova's getuigen.

Veroordeel het gedrag, niet de persoon

In theorie kan iedereen leerkracht worden. Maar leerkrachten die van de leerlingen houden, zijn het best, meent Ruud van Doorn. Concreet betekent het dat je in staat moet zijn om het gedrag van de persoon te scheiden: "Als je dat kunt, kom je ver. Ik houd van deze leerling, maar met dit gedrag heb ik moeite." Het is funest om leerlingen te etiketteren met uitroepen als ‘wat ben je toch een lui varken!'. "Dan ga je voorbij aan het feit dat die persoon misschien wekelijks boodschappen doet voor zijn oma."

Vraag om begeleiding

Op veel scholen coachen de ervaren docenten de beginners of bestaan er intervisiegroepen waarin je met collega's bespreekt waar je tegenaan loopt. Maar er zijn ook scholen waar startende leerkrachten aan hun lot worden overgelaten. Trek dan zelf aan de bel, zegt Birgit Linssen van de AOb. "Vraag om begeleiding of om feedback. Het is namelijk normaal dat je moet groeien in je baan."

Doe je (niet) anders voor dan je bent

"Ik pleit er vaak voor om niet jezelf te zijn", zegt Ruud van Doorn. "Anders mislukt jij als het niet goed gaat tijdens een les. Wanneer je een rol speelt, mislukt alleen de acteur en kan je een andere rol instuderen." Na verloop van tijd kan de rol - die werkt en waar je je goed bij voelt - samenvallen met jezelf. Alma Roos is juist een voorstander van jezelf zijn. Ze probeert voorbeelden uit haar eigen leven te integreren in de lessen bijvoorbeeld als introductie van een les. Hoe ze zich voelde voor haar eerste zwemles bijvoorbeeld. "Ook heb ik wel eens gehuild van het lachen omdat er iets verschrikkelijks grappigs gebeurde in de klas en dan kan je niet anders dan jezelf zijn. Dat waarderen de kinderen echt."








andere achtergrond